2.3.47.2, 2017-10-10 18:26:25

Geschiedenis.

D'Ieteren in een notendop.

Opgericht in 1805, D’Ieteren is een groep die diensten verleent aan de automobilist. Het staat ten dienste van ongeveer 13 miljoen klanten in 33 landen via twee activiteiten:

  • D’Ieteren Auto verdeelt in België de voertuigen van de merken Volkswagen, Volkswagen Commercial Vehicles, Audi, Seat, Skoda, Bentley, Lamborghini, Bugatti, Porsche en Yamaha. Het is de grootste autodistributeur in België, met een marktaandeel van ongeveer 22% en meer dan één miljoen voertuigen van de verdeelde merken in omloop. Omzet in 2011: 3,2 miljard euro.
  • Belron (voor 92,7% eigendom) is de wereldleider op het vlak van herstelling en vervanging van voertuigbeglazing via een vijftiental merken, waaronder Carglass, Autoglass en Safelite Auto Glass. 2.000 servicepunten en 9.200 mobiele service-units staan in 33 landen ten dienste van de klanten. Omzet in 2011: 2,8 miljard euro.

Meer dan 60 jaar Volkswagen in België.

Op 17 maart 1948 sloot Pierre D’Ieteren met de Volkswagen-fabriek in Wolfsburg een overeenkomst voor de invoer van de mythische Kever in België. Zo ontstond een van de meest succesvolle samenwerkingen uit de automobielgeschiedenis. Dit partnerschap is nog lang niet ten einde. Een uitstekende gelegenheid om hulde te brengen aan de belangrijkste hoofdrolspelers, drie sleutelfiguren in de geschiedenis van Volkswagen.

Ivan Hirst (04/03/1916 – 15/03/2000)

Deze optisch ingenieur, geboren uit een familie van brillenfabrikanten, is majoor bij de Royal Electrical and Mechanical Engineers (REME) – het Britse equivalent van de genietroepen in België – wanneer hij aan het einde van de oorlog blijk geeft van zijn ongelooflijke tegenwoordigheid van geest en zijn visionaire gaven.

Zo slaagt hij er niet alleen in de geallieerden te overtuigen om de immense door Ferdinand Porsche ontworpen Volkswagen-fabriek niet te vernietigen, maar ook om – eindelijk! – de productie van dé "universele wagen" te starten en van a tot z een modern management te creëren, alsook een commercieel netwerk en een aantal diensten na verkoop die het merk zijn goede naam zullen bezorgen, zoals het "standaardruil"-programma. Op 6 september 1949, na de productie van 86.000 wagens, draagt majoor Hirst de sleutels van de fabriek over aan de Bondsrepubliek Duitsland.

Na een mooie carrière als economisch analist bij de OESO in Parijs, geniet hij van een even actief als discreet pensioen in Yorkshire.

Ferdinand Porsche (03/09/1875 – 30/01/1951)

Deze in Bohemen geboren Oostenrijker, ongetwijfeld een van de creatiefste genieën uit de automobielgeschiedenis, is als ingenieur verantwoordelijk voor de ontwikkeling van nieuwe producten bij Mercedes. In 1928 krijgt hij het idee voor de Volkswagen, nadat hij in een vitrine de Volksradio ziet, de radio "voor iedereen".

In 1931 richt hij zijn eigen studiebureau op in Stuttgart. Zijn doorzettingsvermogen, zijn grenzeloze creativiteit, zijn onderzoek tot in het kleinste detail en tests van een nooit eerder geziene omvang (3 miljoen kilometer) overtuigen de investeerders en de Duitse staat om het project te ondersteunen. De eerste Volkswagen rolt op 3 augustus 1940 van de band, maar zijn commerciële carrière begint pas in 1945, met het gekende wereldwijde succes gedurende vele lange jaren tot gevolg.

Na de oorlog zal deze houder van duizenden patenten zijn zoon Ferry helpen om de eerste wagen op punt te stellen die hun eigen naam draagt: de Porsche 356, gelanceerd in 1948.

Pierre D’Ieteren (21/06/1912 – 03/01/1978)

Hij vertegenwoordigt de vijfde generatie mannelijke afstammelingen in directe lijn aan het hoofd van de vandaag ongetwijfeld oudste familieonderneming ter wereld die zich altijd heeft gewijd aan de distributie van voertuigen en de dienstverlening aan de gebruikers ervan.

Hij groeit op te midden van de luxueuze wagens die in de familieateliers van een koetswerk worden voorzien, een activiteit die zwaar getroffen wordt door de crisis van 1929. Samen met zijn vader Lucien richt hij de onderneming voortaan op de invoer en verdeling van Amerikaanse seriewagens in 1931, die ze vanaf 1935 ook zullen assembleren.

Vooruitziend als hij is, begrijpt hij na de oorlog al snel dat een grote toekomst is weggelegd voor de wagen "voor iedereen". Op 17 maart 1948 sleept hij het invoercontract voor de Volkswagen in België in de wacht. Vanaf 1954 zal die samen met de Studebakers en later ook de Porsches worden gebouwd in de D’Ieteren-fabriek van Vorst (Brussel), die begin jaren 1970 aan Volkswagen wordt verkocht en tegenwoordig wordt uitgebaat door Audi.

Het is eveneens hij die de vertegenwoordiging binnenhaalt van de verhuuronderneming van voertuigen AVIS . Het zijn slechts enkele van de acties waarmee hij de onderneming een beslissende duw gaf in de richting van de huidige mondiale afmetingen.